Afgelopen september ben ik begonnen met de opleiding Maatschappelijke Zorg omdat ik van betekenis wil zijn in het leven van mensen die niet zelfstandig kunnen functioneren.

Interessant, al die vakken waar je naar jezelf moet kijken. Reflecteren op je gedachten, je handelen en je gevoel. Reflecteren. Iets wat in de dagelijkse bezigheden snel aan mij voorbij weet te schieten.
Na 16 jaar regelmatig intensieve therapieën, dacht ik mezelf goed te kennen. Maar al snel blijk ik geconfronteerd te worden met diepgeworteld verdriet gelinkt aan mijn jeugd.

Tijdens het vak ontwikkelingspsychologie zit ik regelmatig met mijn gedachten bij mijn jeugd. Hechting op jonge leeftijd belangrijk. Check. Nee. Niet voor mij van toepassing. Er werd al tegen mij geschreeuwd toen ik nog een baby was.
Treden volgens de piramide van Maslow. Eh, welke treden. Ik ben blijven steken op de eerste en daarin voldoen niet eens alle punten. Nee, die piramide is niet voor mij gebouwd.

Dan komt de opdracht om te delen wie je bent, wat je hebt meegemaakt en welke ervaringen je gevormd hebben tot wie je nu bent. In de les vertellen klasgenoten het levensverhaal van diegene die hen dat in een veilige setting heeft verteld en ik voel de spanning bij mezelf stijgen.
Zweethanden, mijn hartslag bonkend in mijn borst en keel, een ruis in mijn hoofd en een blik naar de deur om zo snel mogelijk weg te kunnen uit deze ruimte. Bij de vraag welk koppel als volgende wil, steek ik snel mijn hand op want ik wil er van af zijn.
Trillend en huilend hoor ik aan wat mijn verhaal is. Ik heb geen ruimte om hier als buitenstaander naar te luisteren en gevoelsmatig afstand te nemen. De klas stil en vol ongeloof hoe dichtbij iemand kan staan met een onveilige jeugd.

In de weken er na staat mijn hoofd aan. Op volle toeren gaan mijn gedachten alle kanten op, leef ik overdag op de automatische piloot, lig ik s ’nachts te woelen in bed en hoor ik voetstappen op de trap die er niet zijn.

Ik besef pas in wat voor gedachtewereld ik mij bevind als ik in mijn achteruitkijkspiegel knipperende lampen op hoge snelheid op mij af zie komen en ik midden op de snelweg een ruk aan mijn stuur moet geven om geen ongeluk te veroorzaken.

En ik besef dat ik weer hulp nodig heb. Want net als andere keren rijdt het verleden met knipperende koplampen achter mij en moet ik een ruk aan mijn persoonlijke stuur geven om mezelf niet te verliezen in wat is geweest.

Column Marieke

1 antwoord

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *