Ik ben moe.
Moe van het relativeren dat ik mezelf heb aangeleerd
om met de triggers om te kunnen gaan die me in het hier en nu keihard kunnen raken.
Moe van het gevoel hebben, mij te moeten verdedigen
tegenover mensen die niet lijken te begrijpen wat de impact is van mijn jeugd.

Moe.
Van het positief zijn.
Moe van het besef dat velen mij als inspiratie zien omdat ik niet opgeef bij tegenslagen.
Bij geraakt worden.
Bij het zoveelste besef dat het verleden dagelijks, gewoon in het heden, aanwezig is.

Mag ik één keer?
Eén keer opgeven, opgekruld in bed liggen, met de dekens veilig om mij heen,
huilend en machteloos omdat ik niet meer weet wat ik moet doen?
Eén keer opgeven,
om gewoon even toe te geven aan het verdriet dat ik steeds maar weer relativeer?

Relativeer met grapjes, sarcasme, een bulderende lach.
Terwijl mijn hart het uit wil schreeuwen van het intense, verwoestende verdriet
waar ik dagelijks mee opsta en ook weer mee ga slapen.
Gewoon maar voor één keer…

Om de volgende dag weer de kracht te hebben om te relativeren.
Mag ik?

Onlangs heb ik kennisgemaakt met NO KIDDING, ik ga me daar inzetten als vrijwilliger. Op hun verzoek schrijf ik graag iets over mijn motivatie.  Wie dit leest en NO KIDDING niet kent zou ik willen zeggen: stuur hen een mailtje en ga in elk geval kennismaken. Het woord kindermishandeling rakelt iets in je op als je ermee te maken hebt gehad en delen helpt – voor jezelf en voor anderen.

Kindermishandeling is iets ellendigs. Menselijkerwijs is, vrees ik, het compleet uitbannen ervan een utopie. Maar je moet in een welvarend en ontwikkeld land als het onze toch de ambitie hebben dat kindermishandeling steeds minder vaak gaat voorkomen. Ook al wijst weinig op een trend in deze richting – het woord stagnatie komt denk ik dichter in de buurt – toch behoor ik tot degenen die ervan overtuigd zijn dat het wel moet en dat het ook kan. Hiervoor wil ik me graag inzetten.

In mijn leven, dat vooral bestaat uit positieve ervaringen, zijn ook de ervaring en de gevolgen van mishandeling als kind verweven. Heb dat lang ontkend, ben nu 70 en me er gelukkig al weer jaren van bewust; en door te gaan delen, is het ook steeds meer gaan helen. Dit inzicht en de behoefte om met vrije tijd iets nuttigs voor de samenleving te doen, dat zijn denk ik de drijfveren achter de stap naar NO KIDDING.

Aanvankelijk, en dat was ruim een jaar geleden, had ik het idee om ergens aan te haken bij de Jeugdzorg. Ergens waar je als vrijwilliger en leek iets kunt betekenen. Daarvan heb ik afgezien. Niet omdat het niet nuttig zou kunnen zijn om – cynisch gezegd – te helpen met het beperken van de schade als gevolg van de decentralisatie en bezuiniging.

Jeugdzorg met al zijn vertakkingen naar ggz, maatschappelijk werk, schuldhulpverlening enzovoort, vervult een heel belangrijke functie. Maar bereikt hoe dan ook maar een beperkt deel van alle kinderen die met mishandeling in aanraking komen. Ik geloof dat niet-gouvernementele organisaties de aanjager kunnen zijn van innovatie. Van een bredere en andere  benadering van kindermishandeling, die leidt tot een groter bereik en tot grotere stappen naar minder kindermishandeling.

Persoonlijk zie ik het als een zoektocht, met een paar duidelijke uitgangspunten. Bijvoorbeeld: naast de verantwoordelijkheid van de overheid moet veel meer worden ingezet op betrokkenheid van gewone mensen in de samenleving. En dan bedoel ik natuurlijk niet: alleen maar op de meldknop naar Jeugdzorg drukken, want dan kom je in een cirkel terecht. Het gaat juist om het creëren van een aanvulling op het professionele systeem. Nog een uitgangspunt: naast professionele kennis en ervaring moet veel meer waarde worden gehecht aan ervaringsdeskundigen.

Op de website van NO KIDDING herkende ik veel van wat ik hiervoor heb aangestipt. Er zijn vast meer organisaties waarbij dat zo is, maar tegen NO KIDDING liep ik als eerste aan. Na aanmelding via de website werd snel telefonisch contact opgenomen en dat was een aangename eerste kennismaking. Ook heb ik als toehoorder een workshop mogen bijwonen, voor leraren in opleiding, en zo kunnen meemaken wat de impact is van het relaas van een ervaringsdeskundige. Heel bijzonder. Verder ben ik onlangs te gast geweest op het projectbureau, na het missen van de meet and greet; ook dat was een heel prettige kennismaking. Hierna ga ik deelnemen aan interne opleidingen, gericht op de rol van presentator van workshops, daar is tekort aan, en ben ik beschikbaar om mee te denken en mee te helpen met activiteiten van het projectteam.

Nol Kraan, 9 mei 2019

Afgelopen september ben ik begonnen met de opleiding Maatschappelijke Zorg omdat ik van betekenis wil zijn in het leven van mensen die niet zelfstandig kunnen functioneren.

Interessant, al die vakken waar je naar jezelf moet kijken. Reflecteren op je gedachten, je handelen en je gevoel. Reflecteren. Iets wat in de dagelijkse bezigheden snel aan mij voorbij weet te schieten.
Na 16 jaar regelmatig intensieve therapieën, dacht ik mezelf goed te kennen. Maar al snel blijk ik geconfronteerd te worden met diepgeworteld verdriet gelinkt aan mijn jeugd.

Tijdens het vak ontwikkelingspsychologie zit ik regelmatig met mijn gedachten bij mijn jeugd. Hechting op jonge leeftijd belangrijk. Check. Nee. Niet voor mij van toepassing. Er werd al tegen mij geschreeuwd toen ik nog een baby was.
Treden volgens de piramide van Maslow. Eh, welke treden. Ik ben blijven steken op de eerste en daarin voldoen niet eens alle punten. Nee, die piramide is niet voor mij gebouwd.

Dan komt de opdracht om te delen wie je bent, wat je hebt meegemaakt en welke ervaringen je gevormd hebben tot wie je nu bent. In de les vertellen klasgenoten het levensverhaal van diegene die hen dat in een veilige setting heeft verteld en ik voel de spanning bij mezelf stijgen.
Zweethanden, mijn hartslag bonkend in mijn borst en keel, een ruis in mijn hoofd en een blik naar de deur om zo snel mogelijk weg te kunnen uit deze ruimte. Bij de vraag welk koppel als volgende wil, steek ik snel mijn hand op want ik wil er van af zijn.
Trillend en huilend hoor ik aan wat mijn verhaal is. Ik heb geen ruimte om hier als buitenstaander naar te luisteren en gevoelsmatig afstand te nemen. De klas stil en vol ongeloof hoe dichtbij iemand kan staan met een onveilige jeugd.

In de weken er na staat mijn hoofd aan. Op volle toeren gaan mijn gedachten alle kanten op, leef ik overdag op de automatische piloot, lig ik s ’nachts te woelen in bed en hoor ik voetstappen op de trap die er niet zijn.

Ik besef pas in wat voor gedachtewereld ik mij bevind als ik in mijn achteruitkijkspiegel knipperende lampen op hoge snelheid op mij af zie komen en ik midden op de snelweg een ruk aan mijn stuur moet geven om geen ongeluk te veroorzaken.

En ik besef dat ik weer hulp nodig heb. Want net als andere keren rijdt het verleden met knipperende koplampen achter mij en moet ik een ruk aan mijn persoonlijke stuur geven om mezelf niet te verliezen in wat is geweest.

Column Marieke

Uit de ervaringen van een presentator in OPLEIDING

Als peuter werd ze misbruikt in een voor haar vertrouwde omgeving binnen de familie. Ze gaat diep, heel diep maar op een mooie en zelf controlerende manier. Het is soms ook stil, heel stil en dan is haar spanning voelbaar. Het vibreert door de kamer en grijpt me weer bij de keel. Langzaam voel ik me misselijk worden, haar emoties afgewisseld met stiltes grijpen aan. De echtheid, de puurheid is gewoonweg voelbaar. En hoe langer ik naar haar kijk en luister, haar angsten zie en merk hoe emoties zich ombuigen naar gevoelens, hoe sterker ik haar vind.

De trainer begeleidt haar door haar verhaal heen. En weer is duidelijk hoe deze beschadigingen littekens worden, die je vroeg of laat in je leven uit het veld slaan. En dat geldt ook voor de twee voorgaande deelnemers; de emoties zijn zichtbaar maar wanneer de trainer toewerkt naar een specifiek punt, gaan gevoelens een brug slaan naar de andere aanwezigen. De confrontatie leert mij mijn eigen geraaktheid te onderzoeken en uit te bouwen naar leermomenten: hoe ik vanuit mijn geraaktheid met mijn gevoel verbinding kan maken met de ander. Een belangrijk element dat ik me eigen zal moeten maken om de ervaringsdeskundige te kunnen begeleiden en als presentator mijn bijdrage te kunnen leveren tijdens workshops.

Dat mishandeling op verschillende niveaus kan plaatsvinden en ook een eenmalige beschadiging tot in het diepst van je vezels kan gaan zitten, blijkt uit wat ik meemaak tijdens de life story van een ervaringsdeskundige in opleiding.

Aan het eind van de dag verlaat ik het pand met een gevoel van warmte en binding met NO KIDDING; en grote dankbaarheid naar de ervaringsdeskundigen. Hier ligt een groot deel van mijn passie. Dit wordt mijn bijdrage als ambassadeur en held!

 

De decembermaand komt er weer aan en dat blijft elk jaar een moeilijke maand.
Om mij heen hoor en zie ik iedereen plannen maken voor de feestdagen, Sinterklaas, kerst en oud en nieuw.

Dat deden wij vroeger als familie ook. Toen was het voor mij de spannendste tijd van het jaar. Was ik wel lief genoeg geweest? Ik was nl wel eens ongehoorzaam en ging over de knie. Het maakte niet uit wie er bij was. Mijn broek moest naar beneden en ik moest op mijn buik over de knieën hangen van mijn moeder, die met vlakke hand uithaalde en 3x op mijn blote kont sloeg. Daarna stuurde zij mij naar mijn kamer voor straf. Zo ging dat vroeger….Ik was geen brutaal meisje, eerder verlegen. Je sprak je ouders niet tegen, die hadden altijd gelijk. Waarom? Daarom! Omdat ík het zeg, werd er dan gezegd.

Sinterklaas was aangekomen met de boot en ik mocht mijn schoentje zetten. Ik stopte er altijd een stuk brood in en zette er een bakje water bij voor het paard. Och, wat leefde ik mee met die schimmel, helemaal op dat dak langs alle kindjes, zielig hoor…..soms deed ik er een tekening bij voor de Sint en zong op mijn best en luid mijn sinterklaasliedje om er zeker van te zijn, dat hij mij gehoord had. Als ik er nu zo aan terug denk, wat zal mijn moeder een leedvermaak gehad hebben met haar dronken kop (mijn hele leven al alcoholiste, ken haar helaas niet nuchter).

Gelukkig….de volgende dag, zat er altijd wel iets in mijn schoentje….een chocoladeletter (die lag het volgende jaar nog steeds onder mijn bed) of een smurf….of een mandarijntje en op 5 december, vierden we dan Sinterklaas bij mijn opa en oma, de Nederlandse kant. Die woonden in een grote villa met een openhaard en een zwembad in de tuin. Elk jaar, weet ik nu, liep mijn opa naar de garage, pakte alle cadeaus (paar zakken vol), zette die bij de voordeur en klopte met zon ouderwetse ijzeren deurknop keihard op de deur. Mijn kinderhartje sloeg altijd een slag over en ik rende zo hard mogelijk naar de deur.
Wat een avonden! Even geen bergen afwas. Geen bergen overhemden strijken. Geen geschreeuw van een ontevreden moeder. De familie was bij elkaar en iedereen was vrolijk. Er werden rijmpjes voorgelezen met veel leedvermaak over domme gebeurtenissen van het afgelopen jaar. Er werd hard om gelachen en dan was de volgende aan de beurt. Een keer in het jaar even geen onrust, even geen stress……..
Totdat mijn ouders in 1980 gingen scheiden…..de 1e in onze familie, waarop er een scheidingsgolf ontstond en voor ik het wist, de hele familie op zijn kont lag. Wat is er nu nog van over?
Niks…….helemaal niks meer…..ik heb 9 “gezonde” ooms en tantes en door ervaringen, wat het ook mogen zijn, zie je niemand meer…..uit het oog, uit het hart, wat heb je er aan?

Soms vraag ik mij af van welke melkboer ik ben? Als geen ander besef ik hoe het is om een kind groot te brengen op deze aarde. Hoe belangrijk familie is. Hoe trots ben ik op mijn kleine, grote vent, als moeder.
Helaas ben ik niet het enige kind, dat in een verwaarloosde omgeving opgroeit met geestelijke mishandeling. Deze kinderen worden niet gezien. Deze kinderen worden vergeten. Juist in deze komende decembermaand is het belangrijk om daar even bij stil te staan……

Orely Robbemond