Column Lukas

03.13.2018

De zon die scheen…

Het was een mooie zomerse zaterdag, zes jaar oud en ik was blij.
Mijn vader had aan mij gevraagd of ik met hem mee wilde om visjes te kopen voor zijn aquarium.
Deze winkel was toen op de Lindegracht.
Nog niet eerder had mijn vader iets alleen met mij samen gedaan dat niet bedreigend voor mij was.

Schoon gewassen, gekamde haren in mijn korte broekje en blouse liep of rende ik eigenlijk aan de hand van mijn vader mee. Hij hield geen rekening met mij en liep in zijn eigen tempo.
Dus speelde ik mijn spelletje met het niet raken van de randen van de stoeptegels.
Mensen die wij tegen kwamen lachten tegen ons. Voelde me blij en uitgelaten.
In de zon die scheen.

Op de Lindegracht stopte mijn vader bij een huis met een trap naar de voordeur.
Hij belde aan en een jonge blonde man deed open.
Mijn vader kreeg geld in zijn handen gestopt en zei tegen mij dat ik hierbinnen op hem moest wachten.
Het is te druk in de winkel om op jou te letten. Teleurgesteld deed ik wat mijn vader wilde en ging met die man mee naar binnen.
Met de zon die scheen.

De man gaf mij limonade in zijn keukentje en liep met mij door zijn slaapkamer naar een trap.
De slaapkamer lag aan de voorkant van het huis en was licht door het zonlicht dat door het grote raam naar binnen scheen.
De trap voerde naar beneden en daar was in de kelder een dorp gebouwd met modeltreinen.
Het licht ging uit en de treintjes rijden, dat was een hele gebeurtenis, met grote ogen keek ik rond naar wat er allemaal bewoog.
En buiten was er de zon die scheen.

Opeens ging het licht weer aan en weg was de magische wereld.
Hij nam mij mee naar boven en ik moest naast hem op het bed gaan zitten.
Hij deed zijn en mijn kleren uit ik probeerde wel tegen te stribbelen maar dat had geen nut.
Daarna begon hij zijn ding te doen.
Hij hielp toen zichzelf terwijl ik op zijn bed moest liggen en vluchtte in mijn eigen wereld, het emotioneel niets voelen, daar was ik veilig en kon niemand mij zien.
Toen hij klaar was siste hij mij toe dat hij mij zou vermoorden wanneer ik dit ooit aan iemand zou vertellen.
Ik kreeg een glas limonade van hem, nadat hij zichzelf en ik de kleren hadden aangetrokken.
In het gedempte zonlicht dat naar binnen scheen.

De bel ging en mijn vader kwam mij halen en liet mij zijn aanwinsten voor het aquarium zien.
Wij liepen terug naar huis.
Niet meer hand in hand, als in een roes rende ik achter hem aan.
Op dat moment voelde mijn hart als een steen.
In de zon die prachtig scheen, maar verdween ... terwijl hij scheen.
Die dag werd het winter in mijn hart, in de zon die verdween.

Credits

Copyright © 2018 No Kidding • Built with Concrete5 CMS • Theme by Kevin Tai Sign In